Stichting Historische Cartografie van de Nederlanden

Zaterdag, 17 November 2018 

Anecdota Cartografica VIII, een spottende cartouche van Willem Blaeu


Op zichzelf beschouwd is deze kaart van de zogenaamde “Fossa Eugeniana” omstreeks 1626 niet alleen een in het oorlogsverloop na het Bestand  ernstige, maar ook belangrijke gebeurtenis. Het was een geniaal idee de voortdurende invallen van de staatse ruiterij te willen stoppen en het getuigde van nog meer strategisch vernuft de Republiek door een verbindingskanaal tussen Rijn en Maas van haar water te willen beroven en het zuiden onder water te zetten .De fraaie kaart die Willem Blaeu liet graveren was ontworpen door een naar de vijand overgelopen lid van de familie Van Langeren en het was een kaart die het verdiende in een atlas van de Nederlanden te worden opgenomen.
Maar de cartouche leverde een uitzonderlijk actueel element. Zij bevat twee verrassingen die de moeite waard zijn te worden beklemtoond. Zij stelt twee mannen voor wier uitdossing aan riviergoden doet denken en die hun uiterste kracht blijken in te spannen hun armen zo ver uit te strekken dat zij elkaar met de vingertoppen kunnen raken. Maar het lukt niet; zij kunnen geen verbinding krijgen. En er wordt een verklarende tekst bij geschreven: ‘Hoe kom je erbij, graver, de stroomgoden met elkaar te willen vermengen. Zij strekken de armen naar elkaar uit, maar ze bereiken elkaar nooit.’ De hele onderneming werd een fiasco. Niet alleen werden de werkzaamheden door korte en venijnige overvallen gestoord, maar ook het plan zelf bleek zo kostbaar dat de Spaanse overheid zich gedwongen zag de hele zaak te laten varen. Er ging een hoongelach op in de Republiek en Blaeu zag er een geschikte kans in deze nederlaag de Spanjaarden in te peperen.Dit is de eerste verrassing. De tweede is de voor die tijd moderne en uitzonderlijke manier om de schaal tot uitdrukking te brengen. Dit gebeurde met een formulering die sedertdien in de gehele wereld wordt gebruikt: bij voorbeeld één op duizend. Er staat letterlijk: ‘Deze maatstok is het één-honderd-drieenveertigduizendste deel van de werkelijke omvang van de aarde ‘ Bleau had deze tot nu toe zelden toegepaste accurate formulering van Van  Langeren overgenomen, maar hij voegt er ter vermijding van misverstand veiligheidshalve de tot nu toe gebruikte maten: Duitse mijlen, uren gaans, schreden en voeten aan toe.

 


terug naar anecdota